maandag 28 juni 2010

Geuren en kleuren

Iedere dag wandelend over de Camino geeft nieuwe indrukken. Iedere stap wordt gevolgd door talloze vogels, vlinders en is omzoomd door prachtige bloemenvelden. Na iedere bocht is het uitzicht nog adembenemender. Wanneer de zon schijnt lijkt het alsof de weg oplicht en je schaduw omringd wordt door een helder licht. Kleuren en geuren worden intenser. De weg opent zich voor jou en hij lijkt zich weer te sluiten zodra je de volgende stap zet zodat hij zich weer kan openen voor de volgende pelgrim. Een slak kruipt langszaam dwarsover en herinnert je eraan om ook af en toe gas terug te nemen en te genieten van hetgeen je ziet onderweg.

Wanneer je het niet meer ziet zitten komt er spontaan een Frans koppel uit de bosjes en zegt als je het moeilijk hebt dan lopen we met je mee. Natasia en Lucien sleepten mij door de laatste zeer pijnlijke kilometers naar Najera een paar dagen terug. Ze plunkten kersen onderweg en we hadden mooie gesprekken. Gisteren liet ik hun namen achter op de modderige weg. Vandaag zag ik dat zij hun namen voor mij hadden achtergelaten. Twee Franse engelen.

Kaarsjes

Yvon, Annemarie en Martine gaven mij tijdens de picknick in het park kaarsjes mee om onderweg te branden. Iedere keer wanneer ik bij een kerk arriveerde was hij of dicht, of er brandden alleen electrische kaarjes, of er was uberhaupt geen plek om er eentje te branden of er was wel een mogelijkheid maar had ik de kaarsen niet bij mij (af en toe laat ik mijn tas achter in de refugio). Inmiddels waren al vele medepelgrims op de hoogte van mijn ´kaarsprobleem´ en iedere dag attendeerde wel iemand mij erop waar er een kerk was waar ik ze kon branden.

Kaarsje in de kathedraal van Viana.

Uiteindelijk heb ik de geurkaars gebrand in de kathedraal van Viana, voor een prachtig beschilderd beeld van Santiago. Toen ik bij een oude dame in de kerk mijn pelgrimspaspoort liet voorzien van een stempel liep ik even terug naar mijn kaars. Iemand had hem te midden van de vele kaarsjes gezet en ik zag dat medepelgrims hun kaars aanstaken met die van mij. Wat zal het die dag lekker hebben geroken in de kerk.

De andere kaars zat in een blikken doosje en had de vorm van een klavertje vier. In ieder blad kon je een klein kaarsje steken. In Santo Domingo de la Calzada ontmoette ik de Noorse vriendinnen Siv (34) en Maria (37) en hun vriendin de Spaanse Lola (41). We sliepen in dezelfde refugio in een oud klooster bij de Cistercienser nonnen en raakten in de mooie rustige tuin aan de praat. Maria en Lola ontmoetten elkaar drie jaar geleden op de Camino en liepen samen een aantal dagen op. Dit jaar besloten ze om met Siv verder te lopen. Na een halfuur kwamen Fernando en zijn vriendin Gabriela uit Pamplona langs. Fernando liep drie jaar geleden ook de Camino. Ze nodigden mij uit om mee uit eten te gaan en sindsdien trek ik met de drie dames op, wat erg gezellig is.

Klavertje vier in de kerk van San Juan de Ortega.


Vandaag arriveerden wij in San Juan de Ortega en besloot ik na de pelgrimsmis in de kerk het klavertje vier te branden. We wachtten tot iedereen weg was, dachten na over een wens en staken de kaarjes aan en stopten het in de klaver. Het blikje zetten we tussen de andere kaarsen. Lola greep onze handen en we stonden in een cirkel om de kaarsen net zo lang tot de vier kaarjes waren opgebrand. Wat een magisch moment. Daarna serveerden ze in de oude kloosterrefugio knoflooksoep. De karige, maar lekkere maaltijd, werd beeindigd door een Duitse pelgrim die prachtige oude liederen voor ons zong en zichzelf begeleidde op harmonica en banjo.

This must be a Caminosign

De Amerikaanse Kyle (21) besloot twee maanden geleden met zijn moeder Linda (50) te vergezellen op haar Camino. Linda was toen al drie jaar bezig met de voorbereidingen voor haar reis. Samen met haar Franse echtgenoot runt ze een restaurant. Ze werkt ongeveer 75 uur per week, haar man zelfs meer. Linda heeft het erg zwaar. Ze neemt vaker de bus dan ze wandelt, maar Kyle doet het erg goed en elke paar dagen zie ik hem wel ergens opduiken. We ontmoetten elkaar in Saint Jean Pied de Port en in Logrono sliep hij in het bed boven mij. Waar ik niet heel erg blij mee was, want hij weegt nogal zwaar en wanneer hij zich omdraaide schudde ik als vanzelf heen en weer. Voor het slapen was het wel erg gezellig. Terwijl Kyle alleen verder liep, nam zijn moeder de bus en stapte even verder uit waar ze de Zweedse moeder Kaisha (50)en dochter Moea (19) ontmoette. Linda besloot een briefje achter te laten onder een steen voor haar zoon ´Hi Kyle, Iám here where are you?'. Onderweg zag Kyle de vele stenen mannetjes, stapel stenen, die pelgrims achterlaten, en hij voelde zich niet geroepen om er een steen bij te leggen. Tot hij plotseling als vanzelf een steen oppakte. En wat lag er onder die steen?...

woensdag 23 juni 2010

Geluk, veel geluk

Gisteren zat ik met een boek in het groene park van Estella en vroeg mij af waarom ik precies op die plek ging zitten. Ik keek op de grond en het eerste dat ik zag was een klavertje vier waaraan zelfs eenvijfde blaadje begon te groeien. Daarom...

Vervolg door mist en regen

De eerste etappe zou het zwaarst zijn, maar de daaropvolgende vonden wij zwaarder. Door de vele regen was alles modderig en moest je erg goed uitkijken waar je je voeten neerzette. Daardoor was mijn hoofd tijdens de eerste wandeldagen meteen leeg. Je had niet eens de mogelijkheid om ergens aan te denken. Helaas kwamen de gedachten om 22 uur, wanneer de lichten uitgingen, dan ging er een knop om en begon ik te denken, denken, denken. Om 6 uur gingen de lichten weer aan en haastte (bijna) iedereen zich zo snel mogelijk om te vertrekken.

Hoewel wij (Agneta en ik) de tweede dag vrij laat waren, haalden we zoveel pelgrims in dat we 2 uur eerder aankwamen in Larrasoaina dan mijn boek ons voorschreef. Onderweg kwamen we Robbert tegen die ons gezellig vergezelde. Alle pelgrims die we tegenkwamen werden enthousiast begroet en de sfeer was erg goed, veel gelachen. In the middle of nowhere toen we achter de Koreaanse jongen liepen (is het een militair? hij loopt zo stijf) dook er ineens een cameraploeg op. Wij werden gemaand door te lopen en de ploeg probeerde de Koreaan te ondervragen. Hij liep stug door. Eerder vertelde hij dat hij bokste en taekwando deed. Was hij een beroemde kampioen? een bekende filmster in Korea? Een prins? Wij besloten dat hij onze Koreaanse prns was. We besloten hem de volgdende dertig dagen te volgen om het uit te vinden. We gaan tenslotte allemaal dezelfde kant op. Dit mislukte jammerlijk al op de eerste dag. Agneta zette de pas erin en ik volgde wat later. Robbert werd de hekkensluiter. De Koreaan liep ergens tussen ons in. Ineens was hij weg, spoorloos. Pas na twee dagen zagen we hem weer. Opgelucht dat hij niet in het niets was opgelost...

De Pyereneen over

In mijn papieren dagboek ben ik blijven steken op mijn eerste dag, de aankomst in Saint Jean Pied de Port. Er zijn zoveel indrukken dat ik onderweg schrijf in mijn hoofd en bij aankomst geen zin meer heb om papier te pakken. De eerste avond in l´Esprit du Chemin, gerund door Huberta en Arno, was geweldig. Een hartelijk welkom met een aperetief en een overvloedige maaltijd met linzensoep, hartige taart, pasta met en zonder vis, twee salades, brood, wijn, water en een toetje. Meteen vrienden gemaakt na het voorstelrondje. Met de Zweedse Agneta (50) ben ik de eerste etappe begonnen. Onderweg sloot de Duitse Robbert (19) zich aan.

In de regen, langs prachtige vergezichten die we eerst nog konden ontwaren en al lopende in de mist verdwenen. Af en toe doemde een pelgrim op en een keer kwam een heel laag zingende Koreaanse jongen uit de mist tevoorschijn. We werden op de voet gevolgd door nieuwsgierige schapen, een enkele herder met zijn hond.

Rond half 2 waren we in Roncevalles, waar ik Bas en zijn echtgenote Sonja ontmoette die ik tijdens de bestuursvergadering van het Jabodsgenootschap had leren kennen. Ook zag ik Peter weer die ik in Bayonne ontmoette en die voor mij was vertrokken. Wat een hartelijk Hollands ontvangst in de twaalfde-eeuwse refugio. Lees: een hoge stenen zaal met ca. 120 bedden. Hij wordt gerund door vrijwilligers van het genootschap. Tijdens de zeer druk bezochte ALV van het genootschap in Utrecht raakte ik toevallig aan de praat met een man met een grijze snor. En wie had net zijn laatste dag als hospitallero erop zitten en had nu alle tijd om even een praatje te maken in de refugio in Roncevalles? Juist...

maandag 21 juni 2010

Toeval?

Is het niet heel toevallig dat Agneta en ik op dezelfde dag van een man met dezelfde leeftijd een smsje krijgen met ´go girl go´??